Beroemde ‘Utrechters’ hebben sporen binnen en buiten Nederland verdiend

Als je je 24e lustrum viert, kun je bogen op een rijk verleden. Maar de ‘Tandheelkundige Reünisten Vereniging – tot 1988 Studénten Vereniging(!) – John Tomes’ beperkt zich niet tot het organiseren van een in nostalgie gedrenkt gala. Integendeel. Het lustrum wordt gevierd met een symposium vol actuele thema’s. Met beroemde Utrechters als sprekers, die hun sporen binnen en buiten Nederland hebben verdiend. En dat feestelijke gala (ná de borrel uiteraard) is in het statige Slot Zeist.

Wie kun je over alle ins en outs rond de viering van het 24e lustrum beter aan de tand voelen dan de twee hoofdverantwoordelijken voor de organisatie? Emeritus-hoogleraar professor dr. Ron Koole was tot september 2015 afdelingshoofd van de afdeling mka-chirurgie van UMC Utrecht. Mies Buisman stamt uit een befaamd tandheelkundig geslacht en is algemeen practicus op de Amsterdamse Keizersgracht en huidig voorzitter van TRV John Tomes. We drinken koffie bij Koole thuis: precies aan de andere kant van Amelisweerd waar tot 2015 de beroemde ‘Ponskaart’ – het voormalig Tandheelkundig Instituut – de entree van De Uithof markeerde. In de opzet van het symposium zit op z’n minst een vette knipoog naar de minister die in 1983 besloot Tandheelkunde in Utrecht op te heffen.

Twee bedoelingen
“Achter de opzet van het symposium schuilen twee bedoelingen”, vertelt Koole. “We willen aandacht besteden aan de actuele stand van de tandheelkunde aan de hand van drie thema’s: wetenschap, besturen en ondernemen. Bovendien willen we met de keuze van de gastsprekers duidelijk maken hoe prominent veel oud-Utrechters nog steeds op al die terreinen aanwezig zijn.”
Daarmee is niets te veel is gezegd. Ter illustratie drie van de acht sprekers, die elk een van de thema’s vertegenwoordigen. Professor dr. Cor van Loveren – na Utrecht bij ACTA terechtgekomen – spreekt over de jongste wetenschappelijkste inzichten op het gebied van cariës. Rob Barnasconi – oud-voorzitter van de KNMT – zal zijn bestuurlijke ervaringen en de daaruit te leren lessen delen. En Titia Smulders zal, als hoofd van het Team Kwaliteit en Veiligheid van Dental Clinics, vertellen over de (schaal)voordelen en te verwachten ontwikkelingen van het organiseren van mondzorgpraktijken in ketenverband.

Tijdig inschrijven
“Alle sprekers zijn van Utrechtse bodem,” bevestigt Buisman. “En de meesten hebben bovendien een zichtbare rol gespeeld in het verenigingsleven van John Tomes. Maar het lustrum is bedoeld voor álle tandartsen die in Utrecht zijn opgeleid. We hebben de doelgroep welbewust veel breder getrokken dan de reünisten van John Tomes zelf. Via onder meer de KNMT en de ANT hebben we alle ‘Utrechtse’ tandartsen bereikt en uitgenodigd. Onder de reünisten hebben we al een verheugend aantal aanmeldingen. Ik durf niet te zeggen wanneer we volgeboekt zijn. Wie zich voor een teleurstelling wil behoeden, kan maar beter tijdig inschrijven.”

Rijke historie
De ontwikkeling van het vak – van de ambachtelijke tandmeester tot de wetenschappelijk geschoolde tandarts – startte in ons land in Utrecht. Als dr. Theodore Dentz, na reeds 35 jaar lectoraat, in 1895 in deze stad het eerste Tandheelkundig Instituut opent, ontstaat al snel de behoefte aan een vorm van verenigingsleven voor ‘candidaat tandartsen’. Temeer daar er voor hen geen plek bleek in de studentenvereniging van de medische faculteit. In overleg met Dentz wordt deze vereniging op 8 november 1897 gedoopt als: ‘Candidaat Tandartsen Vereniging John Tomes’. In de decennia die volgen zullen alle tandartsen en latere tandheelkundige academici van naam aan John Tomes verbonden zijn. Meestal niet alleen als lid, maar ook in talrijke bestuursfuncties en commissies. In 1987 verschijnt bij honderd jaar John Tomes een gedenkboek met, onder meer, een indrukwekkende lijst van erevoorzitters en ereleden.

‘De Oude Buis’
Al die commissies hoorden tot de hoogtepunten van de vereniging, bevestigt Buisman. “Er waren een almanakcommissie, een kascommisie, een debatingclub, een oudejaarscommissie, en zovoort. Hoe vitaal en verbonden de vereniging was, blijkt uit het feit dat bijna alle studenten lid waren en dat ieder jaar de besturen van al die commissies probleemloos gevuld raakten.” “Terwijl de studie toch zeer ‘time-consuming’ was”, vult Koole aan. “De enige verklaring is dat het altijd zo verdomd leuk was allemaal.”
Andere hoogtepunten vormden voor hem de lustra, die consequent royaal werden gevierd: “We vierden dat niet alleen onder elkaar, maar gaven die lustra altijd maatschappelijke betekenis. Toen preventie in de jaren zestig en zeventig echt een item werd, organiseerden we een poetsdag op het Vredenburgplein. Toen professor Backer Dirks de fluoridering in ons land baanbrekend op de kaart zette, heette ons volgende lustrum ‘Fluorientje’.”
Als derde, en niet minste hoogtepunt moet de ingebruikname van ‘De Oude Buis’ worden genoemd. De voormalige rijnaak komt in 1973 als drijvend verenigingsgebouw tegenover (destijds) de kliniek aan de Utrechtse Vondellaan te liggen. Hier wordt geluncht (aanvankelijk), gedebatteerd, gevierd en geborreld. Op maandagavond, want dinsdag was de enige hoorcollege-ochtend, waar je je eventueel trillende handjes kon permitteren. De Oude Buis krijgt zijn naam van professor P.H. Buisman – de grootvader van Mies(!) – die al in 1910 het vignet voor de vereniging ontwerpt. Buisman wordt in 1948 hoogleraar-directeur van het tandheelkundig instituut en wordt in 1953 erelid van de vereniging. Hij blijft tot op 92-jarige leeftijd patiënten behandelen en protheses maken. ‘De Oude Buis’ ligt nog steeds in de nabijheid van het net geopende NS-Station Vaartsche Rijn: tegenwoordig als verenigingsboot van zeilvereniging Histos.

Definitieve sluiting
Want naast alle hoogtepunten kende John Tomes – en de Utrechtse tandheelkunde als geheel – één nog steeds moeilijk te doorgronden dieptepunt: het besluit van onderwijsminister Wim Deetman dat op 1 september 1988 resulteerde in de definitieve sluiting van de subfaculteit Tandheelkunde. Het besluit maakte deel uit van de TVC, de operatie taakverdeling en concentratie (1985).
Zat er vriendjespolitiek achter? Was het ruilhandel? Door de sluiting werd immers farmacie voor de Utrechtse Universiteit behouden. Politiek ondoorgrondelijk was het én onbegrijpelijk, zelfs voor de meerderheid van de Tweede Kamer. “Nog steeds,” geeft Buisman toe, “kan het me met verbijstering vervullen als ik bedenk hoe redeloos die beslissing was. In de stad met het oudste tandheelkundige verleden van Nederland en het modernste en best geoutilleerde tandheelkundig instituut van Europa! Daar was tot dan toe internationaal heel wat goede sier mee gemaakt.” Koole memoreert dat er een voor Utrecht zeer ongunstige cesuur werd gelegd voor de beoordeling van promoties en wetenschappelijke bijdragen. “Daarbij was Utrecht in het bijzonder gericht op het ambachtelijke vakmanschap. We stonden als studenten in de techniekzaal protheses te maken en gouden restauraties te gieten. Het leek of we daarop in wetenschappelijk opzicht werden afgerekend.”

Vergeefs verzet
En wat deed TSV John Tomes? Het stortte zich vol overgave in het verzet. Met een protesttocht van honderden witte jassen naar de rector magnificus op de Kromme Nieuwe Gracht. Met een manifestatie – samen met de faculteitsmedewerkers – die startte op het Haagse Malieveld en eindigde op het Binnenhof, dat voor de gelegenheid tot behandelruimte werd omgetoverd. En met juridische procedures tegen de Staat der Nederlanden. Tevergeefs.
Binnen John Tomes is dan al lang druk overleg gaande over de toekomst van de vereniging. Op 17 september 1987 wordt in dat kader het eerste bestuur bekendgemaakt van wat vanaf nu heet: Tandheelkundige Reünisten Vereniging John Tomes.

Vriendenband
TRV John Tomes krijgt daarmee geen nieuwe aanwas meer. Het jongste lid is 55 jaar, het oudste flink boven de 80. Jaarlijks is er een reünie, waarvoor Histos nog steeds ‘De Oude Buis’ beschikbaar stelt. En iedere vijf jaar is er nog steeds volop reden voor een levendige lustrumviering.
Voor wie nog aarzelt over deelname hierbij enkele regels uit het clublied. Het zal traditiegetrouw weer enkele malen uit volle borst worden gezongen. Het werd in 1936 na een prijsvraag gemaakt door de latere professor. Ger Dekker, en heeft voor Koole en Buisman nog niets aan waarde en betekenis ingeboet:
“Elk onzer houde steeds in stand
De hier gekweekte vriendenband.”

Wie was John Tomes?
Sir John Tomes (1815 – 1895) kan worden beschouwd als de grondlegger van de tandheelkunde als wetenschappelijke discipline. Zijn hoofdwerk, [CU] A System of Dental Surgery [CU], verschijnt in 1859. Meer dan de helft van dit werk bestaat uit een minutieuze beschrijving van ‘de fysiologie van ons kauwapparaat’. Tomes ontvangt in 1856 het fellowship en in 1883 het erelidmaatschap van het Britse College of Surgeons. Hij wordt in 1886 in de adelstand verheven. Ter gelegenheid van zijn gouden bruiloft wordt de ‘John Tomes-prijs’ in het leven geroepen, die om de drie jaar werd uitgereikt voor de beste wetenschappelijke publicatie in de tandheelkunde. Mede door zijn microscopische benadering leeft zijn naam voort in de tandheelkunde, onder meer in de ‘Tomische fibrillen’ en de ‘kanaaltjes van Tomes’.

Bekijk de uitnodiging voor het lustrum op 10 november en het programma hier.  Inschrijven voor alle lustrumonderdelen kan via het opsturen van dit ingevulde deelnameformulier naar: ransom@tcaltman.nl.

 

Thema: 
NT-number: 
15
NT-year: 
2017

Geef een reactie

Plain text

  • Geen HTML toegestaan.
  • E-mail- en internetadressen worden automatisch aanklikbaar.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
CAPTCHA

Om uw reactie te plaatsen, dient u aan te geven dat u geen robot bent.