Centrifugeren in de wasmachine betekent dat de trommel op hoge snelheid ronddraait om zoveel mogelijk water uit je was te slingeren. Dat gebeurt meestal tussen de 1200 en 1600 toeren per minuut, waardoor kleding na de centrifuge al een stuk droger de machine uitkomt. Hoe hoger het toerental, hoe droger de was, maar niet elk kledingstuk verdraagt dezelfde snelheid.
Wat gebeurt er tijdens het centrifugeren?
Tijdens het centrifugeren van de wasmachine draait de trommel zo snel dat het water door de gaatjes in de trommelwand naar buiten wordt geslingerd. De centrifugaalkracht duwt het water letterlijk uit de vezels van je kleding. Dit is een puur mechanisch proces waarbij geen warmte aan te pas komt, anders dan bij een droger.
Het verschil in resultaat is groot. Een kledingstuk dat alleen gespoeld is, kan wel 30 tot 50 procent van zijn gewicht aan water bevatten. Na het centrifugeren op 1200 toeren is dat al teruggebracht tot een fractie daarvan. Daardoor droogt de was daarna veel sneller, of het nu buiten hangt of in de droger gaat.
Welk toerental kies je voor welke was?
Niet elke stof is geschikt voor een hoog toerental. Op het waslabel van je kleding staat vaak de maximale centrifugeersnelheid aangegeven, soms als toerental, soms als een symbool. Hieronder een praktisch overzicht:
| Kledingsoort | Aanbevolen toerental |
|---|---|
| Katoenen handdoeken en beddengoed | 1200 tot 1600 toeren |
| Katoenen T-shirts en broeken | 1000 tot 1200 toeren |
| Synthetische kleding | 800 tot 1000 toeren |
| Wol en fijne breisels | 600 tot 800 toeren (of het wolprogramma) |
| Zijde en delicate stoffen | 400 tot 600 toeren, of niet centrifugeren |
Centrifugeer je wol of zijde op te hoog toerental, dan riskeer je dat de vezels krimpen, uitrekken of beschadigen. Bij twijfel kies je altijd een lager toerental. Dat is veiliger dan riskeren dat een trui na de was niet meer past.
Aparte centrifuge of centrifugeren als onderdeel van het wasprogramma?
Bij de meeste moderne wasmachines is het centrifugeren automatisch onderdeel van het wasprogramma. Na het spoelen volgt de centrifuge vanzelf. Je kunt op veel machines ook een apart centrifugeprogramma starten, handig als de was na afloop nog te nat aanvoelt of als je iets apart wil naslingeren.
Sommige mensen laten het centrifugeren bewust achterwege, bijvoorbeeld bij overhemden die anders te veel kreuken. In dat geval kun je het toerental verlagen of de centrifuge volledig uitschakelen. De was is dan natter, maar ziet er na het drogen gladder uit.
Wanneer het centrifugeren problemen geeft
Een wasmachine die tijdens het centrifugeren trilt, luid bonkt of zelfs beweegt, is vrijwel altijd een teken van een ongelijke lading. Eén zwaar kledingstuk, zoals een spijkerbroek of een badjas, kan de trommel uit balans trekken. Probeer de was gelijkmatiger te verdelen en start het programma opnieuw. Dat lost het in de meeste gevallen al op.
Staat de machine op een harde vloer en blijft het trillen, controleer dan of de machine waterpas staat. Verstelbare pootjes zitten bij vrijwel elke wasmachine aan de onderkant. Een scheve machine versterkt het trillen bij hoge toerentallen enorm.
Centrifugeren op het juiste toerental scheelt niet alleen in de droogtijd, maar beschermt ook je kleding op de lange termijn. Controleer het label, kies een passend toerental en zorg voor een goed verdeelde lading. Dat zijn de drie dingen die het meeste verschil maken.
