Een winterjas wassen kan prima thuis, als je de juiste instellingen gebruikt. Was op maximaal 30 graden, kies het fijnwas- of delicatenprogramma en zorg dat alle ritsen dicht zijn voor je de jas in de machine stopt. Zo voorkom je dat de jas krimpt, vervormt of zijn vulling verliest.
Eerst controleren: wat staat er op het waslabel?
Elke jas heeft een waslabel aan de binnenkant. Dat label vertelt je precies wat wel en niet mag. Let op de temperatuur die staat aangegeven, of er een machine-afbeelding is met een kruis erdoor (dan alleen handwassen of naar de stomerij) en of er symbolen staan voor droogkuis of droogtrommelen. Neem een minuut de tijd om dit te lezen voor je iets doet, want fouten zijn moeilijk terug te draaien.
Materiaal speelt ook een grote rol. Een gewatteerde nylon jas gedraagt zich anders dan een wollen winterjas of een jas met donsVulling. Wol krimpt snel bij te hoge temperaturen. Dons heeft na het wassen extra aandacht nodig in de droger. Controleer dus altijd beide: materiaal én label.
Winterjas wassen in de wasmachine: stap voor stap
De meeste winterjassen kunnen in de wasmachine, mits je de goede instellingen kiest. Volg dit stappenplan:
- Sluit alle ritsen en klittenband, zodat die de stof niet beschadigen tijdens het wassen.
- Leeg alle zakken volledig.
- Draai de jas binnenstebuiten als de buitenstof gevoelig is voor wrijving.
- Stel de machine in op maximaal 30 graden.
- Kies het fijnwas- of delicatenprogramma (ook wel “zacht” of “wool/silk” genoemd).
- Gebruik een mild wasmiddel, bij voorkeur vloeibaar. Vermijd wasverzachter bij donsjassen: dat tast de vulling aan.
- Was de jas bij voorkeur apart of met een ander licht kledingstuk zodat de machine niet te vol zit.
Bij een donjas kun je twee of drie tennisballen in de trommel gooien tijdens de wascyclus. Die houden de vulling los en voorkomen dat het dons samenklontert. Dit is geen grap maar een beproefde truc die echt werkt.
Handwassen als alternatief
Staat er op het label dat machinewassen niet mag, of wil je het zekere voor het onzekere nemen? Dan kun je de jas met de hand wassen. Vul een bad of grote bak met lauw water van maximaal 30 graden en voeg een klein beetje mild wasmiddel toe. Laat de jas een paar minuten weken en kneed hem voorzichtig schoon. Wring de jas daarna nooit uit; dat beschadigt de vulling en de stof. Druk het water er rustig uit en leg de jas plat om te drogen.
Drogen na het wassen
Dit is het onderdeel waar het het vaakst misgaat. Een winterjas die verkeerd droogt, kan gaan ruiken, krimpen of een samengeknepen vulling krijgen die niet meer herstelt.
- Gewatteerde of donsjassen droog je het beste in de droger op lage stand, met tennisballen erbij om de vulling los te houden. Controleer tussendoor en draai de jas regelmatig.
- Wollen jassen leg je plat te drogen op een droogrek, nooit op een hanger. Hangend drogen vervormt de schouders.
- Vermijd direct zonlicht en directe warmte (zoals een radiator). Dat beschadigt de buitenstof en vergeelt lichte kleuren.
- Zorg dat de jas volledig droog is voor je hem ophangt of opbergt. Resterende vocht leidt al snel tot schimmel of muffe lucht.
Veelgemaakte fouten bij het wassen van een winterjas
Te hoge temperatuur is de meest gemaakte fout. Zelfs 40 graden kan bij gevoelige materialen al te veel zijn. Was dus altijd koel, ook als de jas er vies uitziet. Een tweede valkuil is een te volle machine: een grote jas heeft ruimte nodig om goed schoon te worden en om te kunnen uitspoelen. Een derde fout is de jas direct na het wassen in een kast stoppen terwijl hij nog vochtig is.
Heb je een jas met een speciale coating, zoals een waterafstotende DWR-laag? Was die dan ook koel en gebruik geen wasverzachter. Na het drogen kun je de coating opfrissen door de jas kort op lage stand in de droger te leggen, of er voorzichtig een strijkijzer overheen te halen met een doek ertussen. Warmte activeert de coating opnieuw.
Eén keer per seizoen wassen is voor de meeste winterjassen meer dan genoeg. Was je hem vaker, dan slijt het materiaal sneller. Kleine vlekken kun je tussendoor gewoon lokaal behandelen met een vochtige doek en een druppel zeep, zonder de hele jas te wassen.
